Inhoud

Vergelijkbare plaatsen

Philippe Frutier
Lieu Historique National du Canada de la Cr

Trefwoorden

- Artois - Rode Zone - Vimy

Herstel van grondbezit en landbouw in de slagvelden van de Artois

ImprimerTwitterFacebookGoogle+

Na de wapenstilstand is het gebied langs het voormalige front een woestenij. Overal ligt puin. Ontelbare mijn- en granaatinslagen en een doolhof van loopgraven en verbindingsgangen geven het gebied een maanachtige aanblik. In 1919 wordt in het departement Pas-de-Calais een oppervlakte van 26.409 hectaren tot de rode zone gerekend, waarvan alleen al 20.500 hectaren in het arrondissement van Arras.

Voordat de grond weer in gebruik kan worden genomen, moet vanaf eind 1918 het slagveld eerst worden ‘gezuiverd’. Het werk wordt uitgevoerd door het leger, krijgsgevangenen en arbeiders uit de burgerbevolking en bestaat uit het onschadelijk maken van projectielen en het bergen van slachtoffers, die, indien geïdentificeerd, een laatste rustplaats krijgen op een van de vele militaire begraafplaatsen in de Artois. Ook de restanten van veldfortificaties en ander achtergelaten legermaterieel moeten geruimd worden. Alleen al het weghalen van de kilometerslange prikkeldraadversperringen is haast onbegonnen werk. In mei 1922 ligt er in de Pas-de-Calais nog 716.430 kubieke meter prikkeldraad in stapels langs de weg, klaar om afgevoerd te worden.

Nadat het terrein aan de oppervlakte is schoongemaakt, kan worden overgegaan tot het ruimen van alle funderingsresten en tenslotte het egaliseren van de grond. Dit is vooral onontbeerlijk voor de landbouwpercelen, van vitaal belang voor de lokale economie. De taak is immens groot en de beschikbare mechanische middelen zijn nauwelijks toereikend. Resultaat van het werk is dus pas te bespeuren na lange maanden, in sommige streken pas na jaren van inspanning. In 1922 is het egalisatiewerk nog steeds niet helemaal afgerond in een aantal gemeentes van het kanton van Vimy. In Souchez is het pas klaar in de zomermaanden van 1923. In iedere rampgemeente wordt een gemeentelijke commissie ingesteld voor herstel van grondbezit, die zich in de meeste gevallen uitspreekt voor het aanhouden van de vooroorlogse erfgrenzen in plaats van herverkaveling – de aanbevolen keuze van de overheid. Landmeters doorkruisen de voormalige slagvelden om het terrein op te meten en het kadaster van de verwoeste gemeentes opnieuw op te stellen.

De aanslag die de oorlog op het landschap pleegt, treft voornamelijk de landbouwgemeenschap. Na de oorlog worden de geteisterde landbouwgebieden in kaart gebracht door het ministerie van Wederopbouw. In het kanton van Vimy kan maar 16 procent van de grond direct bebouwd worden; 44,5 procent moet verder worden behandeld, 36,5 procent wordt volledig afgekeurd voor landbouw en komt alleen in aanmerking voor bosaanplant. Toegespitst op de zwaarst getroffen gemeentes zijn de cijfers nog sprekender: in Thélus wordt 70 procent van de grond in 1919 voor landbouw afgekeurd, in Neuville-Saint-Vaast is dat 37 procent. Toch komt het herstel van de landbouw geleidelijk aan tot stand, met name dankzij de inzet van de boeren zelf, waardoor de wederopbouw van de Artois in nog geen tien jaar een feit is. In 1922 geeft prefect Clausel in een toespraak in de departementsraad blijk van zijn grote waardering voor “de bewonderenswaardige inspanningen die de plattelandsbevolking van de Artois zich heeft getroost om het vroeger zo vruchtbare land, door de oorlog in een chaos veranderd en definitief onvruchtbaar gewaand, opnieuw in cultuur te brengen.” Al vanaf eind 1918 komen de boeren terug in de geteisterde dorpen en hun aantal neemt fors toe in 1919 en 1920. Pas in 1923-1924 is een groot gedeelte van het bouwland (86 procent in Carency en 89 procent in Souchez) weer bruikbaar. Dankzij de geduldige reconstructie van het grondbezit is er in 1927 in de Pas-de-Calais nog maar 484 hectaren rode zone over, verdeeld over de gemeentes Souchez, Vimy, Givenchy-en-Gohelle, Thélus en Neuville-Saint-Vaast, die in 1914-1918 de zwaarste offensieven in de Artois hebben doorstaan.


Yann HODICQ,
lid van de Departementale Commissie voor Historie en Archeologie
van de Pas-de-Calais



Ontwikkeling
van de Rode Zone
in de 

Pas-de-Calais

 

 

Jaar

Oppervlakte

(in ha)

1919

26.409

1921

2.131

1922

484

 

Verdeling (per kanton) van de RODE ZONE in de Pas-de-Calais in 1919

Répartition par cantons de la ZONE ROUGE du Pas-de-Calais en 1919